CICERO De beginnende
en de perfecte redenaar
(De
partitionen oratoria, de optimo genere
oratorum)
Vertaald
en toegelicht door Vincent Hunink,
ingeleid door Bé Breij
(Noordboek), Gorredijk 2026
117
blz.; ISBN 978 94 64714883; €22,90
Cicero schreef
verschillende grote werken over de
retorica. Deze uitgave bevat twee
kleinere, minder bekende werken.
Maar die zijn zeker ook de moeite
waard, zoals eigenlijk alle
teksten van Cicero.
In Indeling van de retorica
geeft hij een beknopt overzicht
van het hele retorische systeem,
in de vorm van een dialoog met
zijn eigen jonge zoon Marcus. In
kort bestek komt alles langs: de
taken van de redenaar, de
onderdelen van de rede, de
argumentatiemiddelen. Speciale
aandacht gaat uit naar het gebruik
van algemene ideeën en thema's (loci
communes) als basis voor
concrete gevallen en naar de
statusleer. Soms is wat Cicero te
melden heeft wat technisch en
theoretisch, maat steeds geeft hij
concrete voorbeelden. De tekst
lijkt bedoeld als overzicht voor
zijn zoon en anderen, dus de
duidelijkheid staat altijd voorop.
De beste soort redenaar is
een korte tekst, die eigenlijk was
bedoeld als inleiding bij een
vertaling van twee Griekse
redevoeringen. Of Cicero die
vertaling heeft gemaakt is
onduidelijk. De hoogste kwaliteit
redenaars vind je volgens Cicero
in het Athene van de 4e eeuw, bij
redenaars zoals Demosthenes. Niet
toevallig is dat een redenaar aan
wie hij zichzelf vaak spiegelt.
De inleiding is verzorgd dooor Bé
Breij, hoogleraar Latijn aan de
Radboud Universiteit Nijmegen. Zij
is gespecialiseerd in theorie en
praktijk van de klassieke retorica
FRAGMENT [c.11-15])
Marcus
Wat staat de redenaar bij
die drie soorten voor ogen?
Cicero
Het gehoor plezieren is
het doel bij de pronkrede. De gerechtsrede is
gericht op een rigide of juist milde houding
van de rechter, de adviesrede op een gevoel
van hoop of vrees bij de aangesprokenen.
Marcus
Waarom bespreek je
uitgerekend hier de verschillende soorten
concrete zaken?
Cicero
Om mijn indeling aan te
passen aan het doel van elk ervan.
Marcus
Hoe dan precies?
Cicero
Bij redevoeringen met als
doel het gehoor te plezieren zijn er allerlei
indelingen mogelijk. Je kunt de chronologische
volgorde aanhouden of werken met thema’s. Je
kunt van klein naar groot gaan (stijgende
lijn) of omgekeerd (dalende lijn), of je zorgt
voor voortdurende variatie met een mix van
klein en groot, eenvoudig en complex, duister
en helder, vrolijk en somber, ongelofelijk en
waarschijnlijk. Dat valt allemaal onder de
pronkrede.
Marcus
Oké, en bij de
adviesrede, waar moet je dan op letten?
Cicero
Geen lange inleidingen
houden, vaak helemaal geen inleiding, want het
gehoor wil al luisteren, het zit er vanzelf
voor klaar. En meestal niet veel vertellen,
want vertellen gaat over verleden of heden,
terwijl een advies de toekomst betreft. Daarom
moet de hele rede hier gericht zijn op het
wekken van vertrouwen en het inspelen op
emoties.
Marcus
En hoe is de ordening bij
gerechtsreden?
Cicero
Dat hangt ervan af of je
iemand aanklaagt of verdedigt. Bij een
aanklacht volg je de lijn van de feiten en hou
je de afzonderlijke argumenten als een soort
lansen in je hand, die je dan met kracht naar
voren brengt. Scherpe conclusie, onderbouwing
met documenten en officiële besluiten en
getuigenverklaringen, en op elk element ga je
heel precies in. In heel de speech hanteer je
de retorische regels om emoties op te wekken,
bijvoorbeeld bij een kleine digressie, maar
met alle nadruk in je slotwoord. Want ja, dit
doel staat je voor ogen: zorgen dat de rechter
kwaad wordt.
Marcus
En hoe moet het bij een
verdediging?
Cicero
Dan ligt het totaal
anders. Gebruik dan de inleiding om de rechter
welwillend te stemmen. Een feitenrelaas
afkappen voor zover het ongunstig werkt, of
achterwege laten als het louter problemen
geeft. De aangedragen bewijsmiddelen direct
ontkrachten of in de schaduw stellen of erover
heen gaan door er van alles bij te halen. En
in je slotwoord inzetten op het wekken van
medelijden.
Marcus
Kunnen we altijd de
ordening aanhouden die we willen?
Cicero
Niet echt. Een
verstandige en vooruitkijkende redenaar laat
zich leiden door de reacties van zijn
luisteraars. Wat zij niet willen horen moet
hij aanpassen.